Er was eens een schildpad die door de jungle sjokte. Het was warm en hij kwam traag vooruit. Op een dikke tak lag een luipaard toe te kijken.
"Je gaat zo langzaam," zei het luipaard, "omdat je van die kleine stapjes neemt. Kijk naar mij!"
Soepeltjes sprong hij van zijn tak en sprintte tien kilometer in vijf minuten. De schildpad keek ademloos toe. Zonder zelfs maar te hijgen keerde het luipaard terug op zijn tak.
"Zo doe je dat," zei hij, "en nu jij."
De schildpad zette er de sokken in en strompelde tien meter in vijftig minuten. Hijgend liet hij zich op zijn buik vallen.
"Niet slecht," zei het luipaard, "maar je zult beter je best moeten doen. Ik zal met je meegaan om je te trainen."
De schildpad vervolgde zijn weg en het luipaard liep met hem mee.
Drie dagen later versperde een stekelvarken hen het pad. Het luipaard gromde en sloeg met zijn klauw, maar hij bezeerde zich. Met een kreet van pijn sprong hij op een hoge tak.
"Je loopt gevaar," zei het stekelvarken tegen de schildpad, "want iedereen kan je op je rug keren en bij je zachte buik komen. Kijk naar mij!"
Knorrend en stampend zette hij zijn stekels uit en liet ze gevaarlijk ratelen.
"Zo doe je dat," zei hij, "en nu jij."
De schildpad trok zijn kop en zijn poten in en hield zich doodstil.
"Niet slecht," zei het stekelvarken, "maar je zult nog beter je best moeten doen. Ik zal met je meegaan om je te coachen."
De schildpad vervolgde zijn weg en het stekelvarken en het luipaard liepen met hem mee.
Drie dagen later hing er een slingeraap ondersteboven aan een tak.
"Je zult verhongeren," zei de slingeraap tegen de schildpad, "hoe wil je op de grond aan eten komen? Kijk naar mij!"
Behendig verdween ze in het bladerdak en keerde terug met de armen vol fruit en noten.
"Zo doe je dat," zei ze, "en nu jij."
De schildpad schuifelde naar een boom en probeerde erin te klimmen. Erg ver kwam hij niet.
"Niet slecht," zei de slingeraap, "maar het kan beter. Ik zal met je meegaan om je te begeleiden."
De schildpad vervolgde zijn weg en het stekelvarken, het luipaard en de slingeraap liepen met hem mee.
Drie dagen later eindigde de jungle. De schildpad liep het strand op.
"Wat doe je nu?" riepen de andere dieren, die aan de rand van het bos waren blijven staan.
"Je zult verdrinken!"
"Je wordt opgegeten!"
"Je komt om van de dorst!"
Maar de schildpad liep langzaam naar de waterrand.
"Kom er in," antwoordde hij, "het is heerlijk!"
De dieren zagen de schildpad in de golven verdwijnen. Toen keerden ze zich hoofdschuddend om en liepen terug de jungle in.

Je bent er weer! Hoera!
Háh-leluja!
Háh-leluja!
Een Knoflog. De wonderen zijn de wereld nog niet uit.
De schildpad is lief.
He’s Back!
Echter, ehhh… ik mis en beetje het moraal van deze fabel. (kan aan mij liggen hoor…)
dom verhaal
maar jippie hij is terug
ik vind dit echt een leuk verhaal ik maakte een foutje srry